Zestig. Ik zeg het nog maar eens: Zestig. Ik ben zestig geworden vandaag en ik kan er met mijn kop niet bij. Waar zijn al die jaren gebleven? Lagere school (in ‘mijn tijd’ heette dat nog zo) met klassen ipv groepen. De HAVO met enkel 6 examenvakken. Amsterdam met gratis OV kaart en een studiebeurs waar je U tegen zegt. Mijn eerste baantje, vriendje, rijles. Alles in de vorige eeuw en toch voor mijn gevoel nog maar net geleden. Mijn eerste huis, de geboorte van mijn dochters en het afscheid van de oudste. Die hakt er nog steeds genadeloos in en voelt nog zo dichtbij. Al die verhuizingen, het verliezen van je baan en het overwinnen van andere gevechten. Wat er allemaal wel niet langs is gekomen in die zestig jaren.
Je zit in de herfst van je leven, zeggen ze. Je maakt meer begravenissen dan huwelijken mee. Van die enorme berg ooms en tantes, zijn er nog maar 2 over. Aan het WWW (wilde wijven weekend, ja die hadden we vroeger) is niets meer wild. Skieën doen we niet meer, want er mankeert het één en ander aan de lichamen. In de weg zittende buiken, stijve spieren of gebrek eraan, zwakke enkels en knieën. En dan zitten we ook nog eens met z’n allen in de menopause, de één snurkt nog harder dan de ander en de koude kletsen zijn niet aan te slepen. We gaan tegenwoordig op cruise!
Nu heb ik het geluk goeie genen te hebben. Want buiten een krakkemikkig lijf, zie je niet dat ik zestig ben (ik merk dat ik moet oefenen, want ik krijg het bijna mijn mond niet uit) en word ik jonger geschat. Niet de leeftijd die ik zou willen zijn of hoe ik mij voel of hoe oud ik dènk dat ik ben, maar toch fijn. Nu. Dat was vroeger anders. Ook toen ik jong was, werd ik jonger geschat. Ik ben ooit eens geweigerd bij een tienersoos met de opdracht terug te komen als ik de 10 bereikt had. Ik was 13!!! En je had toen geen ID op zak om toch binnen te geraken. Dus droop je maar af. Of die keer dat ik moest wachten in de auto en uit verveling ging testen hoever ik kwam met mijn hoofd tussen de hoedeplank en de achterruit. Een vrouw die mij zag, gooide haar hoofd scheef en glimlachte zoals je naar een kleuter doet. Nu ik er zo aan terugdenk, was dat inderdaad een nogal infantiele actie voor een vijftienjarige.
Je mag trouwens blij zijn dat je ouder wordt, en dat ben ik dus ook echt, want dat is niet voor iedereen het geval. We zijn genoeg mensen om ons heen verloren, die eigenlijk nog helemaal niet aan de beurt hadden moeten zijn. En ik heb dan weer de vette mazzel dat die klotekanker die in mijn lijf is gevonden vorige jaar, vooralsnog compleet de kop is ingedrukt. Dus we zijn blij dat we de 60 hebben gehaald. We zijn onafhankelijk met een goede baan, een heerlijk groepje vrienden om ons heen, de kinderen volwassen en we gaan richting het pensioen. Is dàt niet fijn?
We zijn geen verlegen, onzekere Teenagers meer. We zijn Queenagers: we don’t give a fuck what other people think!
Zou ik het durven? Ja ik durf: Op naar de zeventig! (Oeps..)


Plaats een reactie